Remy Spreekt    terug

 

De geschiedenis herhaalt zich.

 

Ik zat afgelopen week eens door mijn oude columns te bladeren. Dan kom je nog eens wat tegen.

Ongeveer een jaar geleden schreef ik een column over de strijd tegen degradatie in de 3e Klasse.

Mijn teamgenoten waren dezelfde als nu. We spelen nu alleen 2e Klasse. Maar de strijd tegen

degradatie is er wederom. Waar ik een jaar geleden klaagde over het gebrek aan support,

is dat nu helaas niet anders.

 

We hebben net de partij tegen Ready 1 achter de rug. Veel strijd, weinig resultaat.

Dat is steeds de uitkomst dit seizoen. En ik grijp graag terug naar die column van een jaar geleden.

Daarin sprak ik mijn ongenoegen uit over de status van Heren 1 binnen de vereniging.

Normaliter is Heren 1 het vlaggenschip van een vereniging. Welk team dat bij Destatec momenteel is,

kan ik niet zeggen. Het zal een recreantenteam zijn, zoveel is me wel duidelijk.

Niet dat er veel keus is, met slechts één herenteam.

 

Jammer dus ook dat het weer niet leeft binnen de vereniging. Er komen wel eens wat supporters ja,

maar nieuwe gezichten zie ik zelden tot nooit. Zou ik zelf komen kijken als ik lid was en een vrije

zaterdagmiddag had? Jazeker. Misschien is dat dan wel het probleem. Misschien ben ik wat dat

betreft te idealistisch. Ik blijf er gewoon bij dat ik het jammer vind. Vorig jaar konden we

nog wel op support rekenen richting het einde van het seizoen, maar dit keer betwijfel ik dat.

 

Zo langzamerhand verandert de column meer in een betoog. Ik doe echter niet meer dan mijn mening

 geven over de huidige situatie. Ik pleit dan ook openlijk voor meer aandacht voor de teams van Destatec.

We hebben een meisjesteam dat in de hoogste klasse speelt die er in Nederland bestaat.

Dat zou toch wel voor wat aandacht moeten zorgen. Ik zou er wel eens bij willen zijn als

zij in Leiden een wedstrijd moeten spelen. Zijn er dan ook twee geïnteresseerde

ouders en een opgetrommelde barman? Ik betwijfel het.

 

Ik kan me van vroeger herinneren dat ik het zo mooi vond als ik moest spelen en er volop

 interesse was voor de prestaties van alle teams, en dat er dan na mij nog een

competitiewedstrijd volgde van de heren. Die speelden net wat sneller, harder en slimmer.

Als jongetje van 12 leer je daar voldoende van, en het stimuleert alleen maar.

Ga eens naar een amateurvoetbalwedstrijd en kijk eens hoeveel spelertjes

van jeugdteams daar naar de senioren gaan kijken. Natuurlijk aangemoedigd door andere leden.

Daar zit passie.

 

Vraag is en blijft dus ook wel: waar is de echte passie voor de sport gebleven?

Tafeltennis is een leuke sport, maar vooral ook een die je samen moet beoefenen en moet bekijken.

Dat is nou het verschil met – noem maar eens wat – fitness. Dat kun je altijd doen,

elk gewenst moment. Je betaalt, je sport en je bent weg. Nergens een verplichting.

 

Ben ik nou de enige die hoopt dat de tafeltennissport niet eenzelfde weg bewandelt?

 

(Reacties stuurt u naar remy@destatec.nl)                  Remy Wijnands                        5 april 2009